Coöperatief voetbal

Coöperatief voetbal is een ideale manier om verschillende clubs en scholen samen te laten spelen. Scoren is gemeenschappelijk. Er is geen fysiek contact en het spel zorgt voor voldoende oefening en vaardigheden waarbij ieders aandeel van belang is. Net zoals bij ‘gewoon voetbal’ gaat het er bij dit spel om de bal van de ene kant van het veld naar de andere kant te spelen en zoveel mogelijk doelpunten te maken. Naast de gewone speeltijd, is er nu een tweede klok die de tijdslimiet aangeeft voor het maken van een doelpunt. Bijvoorbeeld 30 seconden. Dit is aan te passen afhankelijk van grootte van het veld, aantal spelers en de leeftijd van de spelers.

Leeftijd: vanaf 8 jaar

Doelstelling: samenwerking, plezier, beweging

Benodigdheden : twee soorten t-shirten of gekleurde banden, voetbal, veld

Bronvermelding: co-op sports manual, Jim Deacove

- Basisregel: Voordat er een poging wordt gedaan om te scoren moet de bal zijn aangeraakt door 4 verschillende spelers waarbij er om en om iemand met de andere kleur shirt de bal moet aanraken. Wordt deze regel overtreden dan gaat vanaf dat punt op het veld het spel de andere kant op.

- Een hoekschop wordt gegeven als de bal over de lijn van het hoekgebied gaat. Alle spelers verzamelen zich dan in het goalgebied maar omdat de kansen om te scoren in het strafschopgebied hoger zijn telt een goal alleen als deze gemaakt wordt door iemand in een andere kleur shirt dan de speler die de strafschop neemt. De bal mag de grond niet raken voor deze gekopt wordt. De keeper en degene die hoekschop maakt blijven vanzelfsprekend buiten het doelgebied.

- Buitenspel is ook van kracht. Na een doelpunt of een misser, als de klok weer aangezet is mogen er geen spelers over de middenlijn zijn voordat de bal daar over is. Het is de taak van de keeper de bal weer zo snel mogelijk in het spel te brengen. De spelers moeten er dus voor zorgen ook zij zo snel mogelijk weer aan de goede kant van het veld te zijn. In de tussentijd tikt de tijd om een goal te maken gewoon door!

 - Bij competitief voetbal geldt buitenspel ook als een speler van een team dichter bij het tegenovergestelde doel is dan 2 spelers van het andere team en de bal. Deze regel kan ook nu gehanteerd worden.

- Een andere regel die wat meer uitdaging geeft, is dat er niet meer vanuit het goalgebied op het doel geschoten mag worden. Een andere aanvulling is door cirkels op het veld te tekenen, iets kleiner dan de middenstip. Dit zijn dan de ‘wissel’ gebieden.Als de bal in een van deze cirkels terechtkomt en blijft liggen, of aangeraakt wordt door een speler in dit gebied dan draait het spel en wordt er op het andere doel gericht.

Rol van de keeper:

- Wanneer er op een veld wordt gespeeld met doelen zonder netten dan kan de taak van de keeper nog spannender gemaakt worden. Zet de keeper achter het doel om de ballen daar op te vangen. Wanneer de keeper een bal vangt (misser of een doelpunt) voordat de bal de grond raakt na de achterlijn dan geldt dat als een punt. Een doelpunt en daarna gevangen door de keeper is dus 2 punten waard.

- In het geval dat de keeper een gemiste bal vangt heeft hij nog een extra keuze mogelijkheid. Hij mag dan namelijk de bal terug gooien of schoppen naar de spelers die nogmaals mogen proberen te scoren maar het punt dat hij heeft verdiend door de vangbal komt dan te vervallen. Bij het terugschoppen van de bal moet de keeper zich bewust zijn van hoeveel speeltijd er nog is.